Koolhydraten
Koolhydraten zijn een belangrijke bron van energie voor het lichaam. Als u gezond eet, komt tussen de 40 en 70 procent van de energie uit koolhydraten. U kunt daarbij het best kiezen voor volkorenbrood, granen, aardappelen, fruit, zilvervliesrijst, pasta en peulvruchten. In deze producten zitten namelijk verteerbare koolhydraten (zetmeel en suikers) én niet-verteerbare koolhydraten (voedingsvezels). Daarnaast zitten er B-vitamines in en belangrijke mineralen, zoals ijzer, magnesium, chroom en zink. Het Voedingscentrum adviseert verder niet te veel (fris)dranken met suiker te drinken, omdat er veel calorieën inzitten.
Er zijn verteerbare en niet-verteerbare koolhydraten. Het lichaam maakt glucose (suiker) van verteerbare koolhydraten. De darmen nemen de glucose op in het bloed. Glucose levert dan energie in het lichaam, bijvoorbeeld in de hersenen. Het lichaam kan geen glucose maken van niet-verteerbare koolhydraten. Wel worden deze niet-verteerbare koolhydraten in de dikke darm afgebroken (gefermenteerd). De groep van niet-verteerbare koolhydraten hoort bij de voedingsvezels. Voedingsvezels zorgen voor een ‘vol gevoel', zo helpen ze op gewicht te blijven. Ook zijn ze goed voor de stoelgang. Volkoren producten bevatten veel voedingsvezels. Meer over voedingsvezels kunt u vinden op de internetpagina over voedingsvezels.
Koolhydraten in fruit
Uit onderzoek van het Voedingscentrum blijkt dat een gemiddeld volwassen persoon zo'n 250 gram koolhydraten binnenkrijgt. Fruit bevat ook koolhydraten, variërend van 5 tot 20 gram per 100 gram van het desbetreffende fruit. Bananen, granaatappel en druiven bevatten de meeste koolhydraten met respectievelijk 20, 17 en 16 gram.
Bron: Voedingscentrum.
Klik hier om terug te keren naar het overzicht van voedingsstoffen.

